Dirck Volckertszoon Coornhert

Over zijn leven

Coornhert wordt geboren in 1522, in de Warmoesstraat in Amsterdam. Vader is lakenkoopman in Amsterdam, Moeder deelt thuis de lakens uit.

Als jongen van een jaar of 15 speelt hij luit, fluit en klavecimbel… heeft hij commentaar op de rooms-katholieke kerk… en reist hij naar Frankrijk en Spanje (wat erg bijzonder was in die tijd).

Portret van Coornhert

Hij trouwt, als hij 17 is, met Neeltje Simons (Cornelia Simonsdochter). Zij is 29 jaar. Coornhert wordt vanwege dit huwelijk onterft.

Coornhert woont met z'n vrouw in veel verschillende plaatsen, maar voornamelijk in Haarlem. Coornhert komt sterk op voor zijn, overigens zeer tolerante, mening. Iets te tolerant naar de smaak van de toenmalige machthebbers: hij wordt verbannen. Als balling woont hij een aantal jaar in o.a. Keulen en Xanten (België).

In wat voor tijd leefde hij? De Calvinisten in Nederland rukken op tegen de Katholieken. Coornhert is van oorsprong katholiek, maar vindt beide partijen te radicaal. Hij valt daardoor bij beide partijen uit de gratie. Wel is hij goed bevriend met Willem van Oranje.

Coornhert schreef proza, poëzie, toneelstukken en filosofische verhandelingen over theologie, ethiek en politiek. De toneelstukken hadden tot doel om door middel van vermaak mensen te leren hoe ze moeten leven.

Daarnaast is Coornhert graveur en etser, hofmeester, notaris en stadssecretaris in Haarlem, vertaler van onder andere Cicero en Homerus.

Prent ‘De Triomf van Isaak’; no. 2 van de serie ‘Patientiae Triumphus... Elegantissimis Imaginibus Expressus’

Met de lijfspreuk ‘Weet of rust’ bedoelt Coornhert dat je moet weten wat je nodig hebt om goed te leven; de rest moet je laten rusten. Om te weten wat goed en kwaad is gaat het om zelfkennis. Als een van de eerste fervente voorvechters van tolerantie draagt Coornhert veel bij aan de huidige Nederlandse traditie van verdraag­zaamheid. Lees verder over zijn filosofie »

Hij overlijdt op 29 oktober 1590, te Gouda.

Over zijn werk

In 1542 werd Coonhert hofmeester bij de heer van Brederode te Vianen en verhuisde in 1546 naar Haarlem. Hij werkte zich op tot notaris (1561) en stadssecretaris (1562).

In 1567 kwam hij ten gevolge van moeilijkheden met Spanje terecht in de Haagse Gevangenpoort. Na zijn vrijlating in 1568 verbleef hij tot 1572 eerst te Kleef, later te Xanten.

In 1572 keerde hij met Willem van Oranje terug en werd secretaris der Staten van Holland. Datzelfde jaar week hij opnieuw uit ten gevolge van moeilijkheden met de geuzenadmiraal Lumey. In 1577 pas keerde hij terug, vestigde zich weer als notaris te Haarlem en in 1585 moest hij nog eens voor korte tijd uitwijken om zijn politieke strijdschriften. Sinds 1586 woonde hij te Gouda.

Achtergrond

Coornhert leerde pas op latere leeftijd Latijn en verdiepte zich toen in de gehele klassieke Latijnse literatuur. Hij was even humanistisch gezind als afkerig van kerken-als-instituut, dweepte met een mystiek werk als de ‘Theologia Deutsch’, maar trok te velde zowel tegen al te dogmatisch calvinisme als tegen de al te dogmatische politieke ideeën van Justus Lipsius (Proces van 't ketterdooden, 1590). Zijn ‘Verschooninge van de Roomsche Afgoderye’ (1560) maakte Calvijn zelf tot zijn tegenstander in pennestrijd.

‘Balaam op zijn ezel’ (1554), naar ontwerp van Maerten van Heemskerck

Prenten

Zijn loopbaan als graveur begon in 1947 in Haarlem met een houtsnede voor een loterij-poster ontworpen door Maarten van Heemskerck.

Later leidde hij in Gouda een prentenwinkel, waarvoor hij zelf ook graveerde (houtsnede, kopergravure, ets), o.a.:

Literatuur

Coornhert leverde vertalingen o.a. van

Hij schreef ook een aantal komedies, zoals de ‘Comedie van Lief en Leedt’ tijdens zijn verblijf in de Gevangenpoort. Van 1575 is Coornherts ‘Liedboeck’: stichtelijke poëzie en minnelyriek.

Zijn belangrijkste werk is ‘De Zedekunst dat is Wellevenskunste’ (1585). Dit boek is een praktische ethica, waarin hij uitzet hoe de mens tot de volledig verworven deugd kan komen.